Tyranny of Dragons

sessie 3 Queen of the Dragonhoard

8 november

14 Flamerule 1381

Uit het dagboek van Tatjane Helder:

Ik zit op een roze wolk!! Het leek even tegen te zitten, wat betreft het tegen mijn vader ingaan, weglopen en avonturen beleven, maar dat is helemaal veranderd! Na mijn duel met Langdedrose Cyanwrath ben ik beroemd in Greenest. Ik heb heerlijk geslapen, uitgebreid gebadderd en ik voelde me weer helemaal fit toen we met de groep (Max, Keird en Kima) in de keep bij elkaar kwamen. Burgemeester Nighthill was daar in bespreking met die roodharige dwerg Escobar, en het klonk zeer serieus. Er is een hoop kapot gemaakt en gestolen en de helft van de dorpelingen werd nog vermist. Max wilde gelijk achter het leger aan, ook omdat hij Leosin herkent heeft in één van de cultisten. Hij had een brief van hem gehad, dus hij wilde hem koste wat kost spreken. Uiteraard ben ik met hem meegegaan en de rest volgden ons ook. De burgemeester wilde ook graag dat Robin mee zou gaan, het hoofd van de stadswacht die bij het gevecht bij de poort aardig wat slachtoffers heeft gemaakt. Niemand had daar iets op tegen, dus zodoende telde de groep nu vijf.

1edited.jpg

We kregen nog wat eten mee voor onderweg, en binnen een half uur waren we klaar om te vertrekken. Onderweg zagen we zoveel vernieling en rotzooi liggen dat het niet heel moeilijk was om het spoor van de legers te volgen. Even buiten Greenest zagen we de restanten van een afgebrande boerderij en daar vonden we nog een klein meisje in leven. Uiteraard heb ik haar terug naar Greenest gebracht en duidelijk gemaakt dat er een goed pleeggezin voor haar gezocht moet worden.

Toen we weer uit Greenest vertrokken was het inmiddels rond half 2 ’s middags. Het spoor liep nog steeds richting het oosten, en het landschap veranderde geleidelijk van gras en bos naar stenen en hoge plateau’s. Plotseling hield Keird ons staande. Hij maakte een paar moeilijke gebaren en we begrepen hieruit dat hij iets had gezien en dat hij verder ging kijken wie of wat dat was. Max ging uiteraard met hem mee, die is zo sneaky dat ik me soms afvraag of hij nog meeloopt met de groep.

Een paar tellen later kwamen ze terug gehold, op de hielen gevolgd door acht kobolds en een handjevol cultisten, lekker stiekem, maar niet heus! Gelukkig stonden we er helemaal klaar voor en de kobolds krompen als lege blikjes ineen onder mijn vertrouwde hamer! Ik heb Robin nog moeten helpen, die had het wat moeilijk met twee kobolds om zich heen, waarvan er één in de modder lag, maar ik ben de rotste niet, dus ik heb hem niet uitgelachen.

De rest heeft vast ook wel wat gedaan en toen er geen kobolds meer stonden zag ik Max in het gras liggen, hij had een grote ijzeren ring gevonden die vast zat aan een groot, rond stenen luik. Zomaar onder het gras! Niemand kon er iets van maken, maar ik ontdekte dat je de ring kon draaien als je hem plat legde, er lichtten toen rare tekens op in het luik, maar die snapte niemand. Dus hebben we het luik weer verstopt met gras en bladeren en zijn we doorgereisd de legers kobolds achterna. Bij het kampvuurtje vond ik in de spullen van één van de cultisten nog een soort gebedsboek van Tiamat, maar wat daar allemaal in stond druisde zo tegen mijn opvattingen in dat ik het wel moest verbranden. Misschien niet helemaal handig, maar ik heb er zeker geen spijt van! Verder vonden we niks bijzonders, dus liepen we snel weer door.

plains__mps_lands__by_adampaquette-d6i1iuo.jpg

Weer even later, we liepen inmiddels in een soort kloof met aan weerszijden een redelijk steile wand, werden we ineens bedolven onder een lading stenen, en toen we die zo goed en zo kwaad als het kon ontweken hadden, werden we beschoten! We waren zo in een hinderlaag gelopen! Totaal stonden er zo’n 9 vijanden, waarvan ik natuurlijk gelijk op de grote kale baas ervan afdook. De wand was redelijk beklimbaar, zeker voor iemand met mijn bouw. Voor die cultisten het goed en wel wisten had ik de baas uitgeschakeld met een dodelijke klap van mijn hamer. Ik had nu wel een cultist met getrokken zwaard tegenover me, en één met pijl en boog ietsje verder. Alsof dat niet genoeg was begonnen ook de cultisten aan de overkant op me te schieten. Gelukkig wist ik een hoop te ontwijken, maar dat nam niet weg dat toen ik nog één cultist had neergehamerd, ik net een slag teveel te pakken kreeg. Ik zag het somber in toen het zwart voor mijn ogen werd en ik neerzakte.

Toen ik bijkwam hadden we toch het gevecht weten te winnen, zelfs de acolyte hadden ze nog te pakken gekregen toen hij al het hazenpad had gekozen. Blijkbaar leert Kima rap met haar sling om te gaan. Dat is meer dan ik van Keird kan zeggen, hoewel ik dankbaar ben dat hij me heeft genezen, zag ik toch echt één van zijn pijlen uit de schouder van Robin steken. Niemand besteedde daar verder aandacht aan, dus het zal wel een reden gehad hebben, maar het viel me toch op.

50625__468x_martial-buddhist-monk.jpg

Een stuk verder langs de route zagen we een hoop kampvuren bij elkaar, blijkbaar hadden we ons eindpunt bereikt: het Raider Camp. Hier hadden zich alle kobold-legers, cultisten en Tiamat-aanhangers uit de wijde omtrek verzameld. Eén ding was duidelijk, we hadden een goed plan nodig, hier zouden we niet zomaar naar binnen kunnen wandelen…

Maar dat deden we dus wel. En met ‘we’ bedoel ik dan Max, Robin en ik. Keird en Kima zouden rond het kamp trekken, voor het geval het mis zou gaan ofzo, stelletje pessimisten.
We hadden nog wel even een paar gewaden van die gasten bij de kloof gehaald en aangedaan, zeker voor Robin met zijn stadswacht uniform en om mijn mooi geborduurde kleding wat te verbergen. Ik had ook dat masker van die drakengast voor gedaan. Max zag er al duister genoeg van zichzelf uit, zelfs die gasten daar waren geïntimideerd door zijn uiterlijk.

En daar gingen we dan, tussen alle groepen kobolds en cultisten door, het hol van de figuurlijke leeuw in. We hadden al snel door dat het zaak was te doen alsof je daar hoorde te lopen en een ieder die voor je voeten liep een enorme mep te verkopen. Zo kwamen we bij een wat rustiger plekje waar Max en Robin de tent opzetten onder mijn ‘bevel’. Daarvandaan konden we op onderzoek uit. We kwamen erachter dat het echt een ongeorganiseerde bende was, behalve bij de tent van Rezmir, de leider van het hele zooitje, daar stond een groep bewakers.

Ook kwamen we Leosin rap tegen, in het schandblok! Er stond een bewaker naast hem, maar hij liet ons er niet bij, orders van Rezmir. Terug bij ons kamp bleken we buren te hebben, huurlingen van de ‘ bebloede vuist’, zoals ze zichzelf noemden. Opzich wel aardige gasten, we mochten zelfs met ze mee eten. Ze waren ingehuurd door Frulam Mondath, de second in command van Rezmir.

Ik moest die avond nog wel even snel en onopvallend de tent induiken, aangezien Langdedrosa Cyanwrath langs kwam lopen. Tijdens het eten had ik uiteraard mijn masker afgedaan (en nog snel even wat bloed op mijn gezicht en in mijn haar gesmeerd) dus hij zou me onmiddelijk herkend hebben. Gelukkig ging dat net goed.

15 Flamerule 1381

Vroeg in de ochtend besloot ik op pad te gaan om een poging te doen Leosin te bevrijden. Met wat vakkundig blufwerk loste ik de bewaker van de gevangene af, en Leosin wist me te vertellen dat ze alle gevangenen bij zonsopgang zouden executeren, dus ik had niet veel tijd meer! Ik keek om me heen om een mogelijke ontsnappingsroute te vinden, maar de enige uitweg was de weg die we op de heenweg ook hadden genomen, dwars door alle kampementen heen. Het was misschien nog vroeg, maar er waren meer bewapende lieden op de been dan ik aan kon. We hadden dus een afleiding nodig en snel.

Mijn oog viel snel op de wachttorens die ze langs de rand aan het bouwen waren. Dat was de beste poging om heel snel een enorme afleiding te veroorzaken. Ik rende snel naar Max en Robin om hun mijn plan te vertellen. Toen werd het even spannend, ik moest natuurlijk bij Leosin blijven staan, en afwachten tot er een toren zou gaan branden. De zon kwam voor mijn gevoel veel sneller op dan normaal, en er was nog geen rookpluimpje te zien. Op een gegeven moment, de zon was al bijna helemaal op, kwam Langdedrosa Cyanwrath langs om de gevangene op te halen, en net toen hij me een tweede keer goed bekeek, alsof hij me doorhad, zag ik vlak boven zijn schouder een klein beetje rook uit één van de wachttorens opstijgen. Ik moest me echt inhouden om geen zucht van verlichting te slaken, en het lukte om geschokt te reageren en te wijzen en iets van “Brand!” te stamelen. Toen hij verbaasd omkeek en zag wat ik zag, stond binnen no-time het hele kamp in rep en roer. Genoeg tumult en chaos voor mij om Leosin en de andere gevangenen te bevrijden en naar de uitgang van het kamp te leiden. De bewakers bij de uitgang deden nog wel moeilijk, maar met alle gemotiveerde gevangenen was het een peuleschil om ze neer te halen.

55.jpg

Later begreep ik dat het ontsteken van de toren wat lang duurde omdat er bewakers op de toren stonden die ze eerst moesten uitschakelen, en toen kregen ze de boel niet in de hens. Gelukkig waren Keird en Kima vlakbij en hebben zij kunnen helpen.

We ontmoetten elkaar bij de uitgang, de enige goede afspraak van deze escapade, en konden zo alle gevangenen veilig escorteren terug naar Greenest. Daar aangekomen was de vreugde van beide kanten natuurlijk gigantisch, en de dankbaarheid zo mogelijk nog groter. Hoe goed dit ook is voor mijn ego, ik moet wel op gaan passen dat ik niet al te veel naamsbekendheid verwerf, dat zou zomaar eens mijn vader en zijn mannen naar Greenest kunnen trekken, en ik weet niet of ik die al aankan…

Comments

Mooi verslag! :) Frances & Vero: 50XP! :)

sessie 3 Queen of the Dragonhoard
 

Tatjane for President!
Heel mooi verslag…nodigt uit om zelf ook eens de pen/het toetsenbord ter hand te nemen.

sessie 3 Queen of the Dragonhoard
 

Helemaal met je eens, Henri!

sessie 3 Queen of the Dragonhoard
mikevanschijndel mikevanschijndel

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.